Een mensenrechtelijk zwart gat: het gebrek aan juridische waarborgen bij terugkeerhubs

Website format

De werkelijkheid van uitzichtloze detentie voor uitgeprocedeerde asielzoekers komt steeds dichterbij. Het Europees asiel- en migratiepact trad op 12 juni 2026 in werking en regelt een gemeenschappelijk migratiebeleid voor lidstaten van de Europese Unie (EU). Als sluitstuk komt er een hernieuwde terugkeerwet. Onderdeel hiervan zijn de controversiële terugkeerhubs voor afgewezen asielzoekers. Centra in gastlanden zoals Oeganda, zouden uitgeprocedeerde asielzoekers, inclusief kinderen, als tussenstation moeten opvangen. Het doel is om deze groep uiteindelijk terug te sturen naar hun land van herkomst. De effectiviteit en wenselijkheid verschillen naargelang wie het wordt gevraagd. Het kabinet-Schoof was groot voorstander van de hubs, huidig CDA-minister van Asiel en Migratie Bart van den Brink zet dit beleid voort. Mensenrechtenorganisaties wijzen echter op de potentiële mensenrechtenschendingen die hoogstwaarschijnlijk uit dit beleid zullen voortvloeien. 

Een nieuwe migratiedeal

De EU is al jaren bezig met het opzetten van gemeenschappelijk beleid op het gebied van migratie. Het Europees asiel- en migratiepact bestaat uit één richtlijn en negen verordeningen met als doel migratie naar Europa in te perken. De EU hoopt snellere en efficiëntere asielprocedures aan de buitengrenzen te realiseren. Asielzoekers worden hier gescreend in grensprocedures en wie weinig kans lijkt te maken op asiel, wordt teruggestuurd. Wie wel kans maakt, wordt verspreid binnen de EU. Het pact beoogt zo een eerlijke balans te verkrijgen tussen strengere asielprocedures in aankomstlanden en solidariteit onder de andere Europese landen. Critici vrezen echter het ontstaan van detentiecentra aan de buitengrenzen waar mensenrechtenschendingen onvermijdelijk lijken. De verplichte solidariteit betekent bovendien dat EU-landen hun opvangplicht kunnen afkopen door 20.000 euro te betalen per niet opgenomen asielzoeker aan EU-landen die wel voldoende asielzoekers opvangen.

Terugkeerhubs

De terugkeer van afgewezen asielzoekers staat hoog op de nationale en Europese agenda. Verscheidene EU-instituties onderhandelden al langer over de inwerkingtreding van de vernieuwde Terugkeerverordening, die het pact zou moeten aanvullen. Begin juni werd hierover een compromis gesloten: een aantal artikelen gaan over een jaar in, de rest per direct. Zo werd het toestaan van terugkeerhubs meteen van kracht. Lidstaten mogen hierdoor zelf akkoorden sluiten met derde landen over het opzetten van terugkeerhubs en het daarnaartoe uitzetten van uitgeprocedeerde asielzoekers. Hier moeten zij wachten tot zij kunnen worden uitgezet naar hun vaderland. Nederland vormt samen met Duitsland, Denemarken, Griekenland en Oostenrijk een kopgroep die zoekt naar landen voor deze terugkeerhubs. Voorwaarde is dat dit derde land mensenrechten respecteert. De onderhandelingen tussen het kabinet-Schoof en Oeganda over een hub zijn hierop gestrand. Desalniettemin heeft het ministerie van Asiel en Migratie onder VVD-minister David van Weel een proef ontwikkeld met opvang in Oeganda.

Haken en ogen

De praktijk rond terugkeerhubs toont lacunes in de juridische bescherming. De huidige EU-terugkeerrichtlijn bepaalt dat terugkeer vrijwillig moet zijn en dat gegarandeerd moet worden dat personen niet het risico op foltering of mishandeling lopen. De Commissaris voor de Rechten van de Mens van de Raad van Europa wijst echter op het gevaar van willekeurige detentie dat inherent is aan geëxternaliseerde asielprocedures. In plaats van een opvangcentrum, vervult de hub de rol van een gevangenis. Bovendien kunnen niet in elk land de mensenrechten worden gewaarborgd. In Oeganda staat de doodstraf op homoseksualiteit. Garanties dat lhbtqia+-personen niet naar Oeganda worden uitgezet zijn niet altijd uitvoerbaar of reëel. De vraag rijst ook wat er gebeurt als personen al in een hub zitten en alsmaar niet naar hun land van herkomst uitgezet kunnen worden, omdat het bijvoorbeeld te gevaarlijk is. Rechtsbeginselen zoals evenredigheid en rechtszekerheid verbieden oneindige, uitzichtloze detentie in een terugkeerhub.

Het uitzetten van uitgeprocedeerde asielzoekers naar landen waar zij geen band mee hebben, heeft ook een hypocriet staartje. Zo benadrukte oud-minister van Ontwikkelingssamenwerking Jan Pronk dat Europa weer een spel speelt met Afrika ten behoeve van haar eigen politieke belang. Indien lidstaten daadwerkelijk overgaan tot het plaatsen van terugkeerhubs in derde landen, zullen juridische waarborgen duidelijk vastgelegd moeten worden in de overeenkomst. Europese grondrechten, zoals het verbod op marteling en het recht op vrijheid, moeten de kern vormen van de samenwerking.

Meer over

Deel dit artikel

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven
Scroll naar top