Professor Jaap van den Herik: ‘‘Maar jij denkt dat computers het beter kunnen?’’

Jaap van den Herik

In 1981 schrijft Professor Jaap van den Herik zijn proefschrift over computerschaken. In zijn jeugd is hij hartstochtelijk schaker en wil wereldkampioen worden. Door het schaken groeit de interesse voor de kunstmatige intelligentie. In 1991 voorspelt Van den Herik dat computers recht zullen gaan spreken. Dit wordt veel besproken nieuws in Nederland. Inmiddels zijn we dertig jaar verder en lijkt deze voorspelling uit te komen. Professor Van den Herik is hoogleraar aan de Universiteit Leiden waar hij zijn laatste droom werkelijkheid maakt.

Omarmen van verandering

Op een gegeven moment beseft Van den Herik zich dat hij geen wereldkampioen zou worden en gooit het over een andere boeg. Hij is een gedreven student en rond zijn studie wiskunde met hoge cijfers af. Als Van den Herik na zijn studie als medewerker aan de TU Delft begint, start het onderzoek naar computerschaak. ‘‘Toen werd mijn hobby mijn studie, dan wil je wel dag en nacht doorgaan.’’ In 1981 wordt met negentien man de Vereniging voor Kunstmatige Intelligentie opgericht in Amsterdam. In 1986 wil de decaan van de Universiteit Leiden naar aanleiding van zijn voorspelling over computers over die in de toekomst sterker gaan schaken dan mensen een gesprek. Of het geen mogelijkheid is dat Van den Herik bij de rechtenfaculteit wil komen werken. Daar is hij, tot op heden, één dag in de week aan het werk. Op het randje van pensioen heeft hij nog een laatste doel: de opleiding Legal Technologies opzetten. ‘‘Als alles goed gaat, ga ik op mijn hoogtepunt weg.’’

Ik moet op dit moment nog steeds vechten om de legal technologies op de aandacht stapel van de universiteit te krijgen.’’ 

Niet iedereen van de rechtenfaculteit vond het een vondst dat computers recht kunnen gaan spreken. Dat was voor Van den Herik een extra last op zijn schouder om het echt waar te maken. Toch zijn juristen geleerde mensen en die denken daar natuurlijk over na, ook over de twijfelgevallen waar zij soms zelf in verkeren.’’ Op de vraag of het recht achterloopt op de kunstmatige intelligentie antwoordt Van den Herik volmondig ‘ja’. Volgens Van den Herik heeft het onderwijs in Nederland niet op tijd begrepen dat er aandacht aan besteed moet worden. Ik moet op dit moment nog steeds vechten om de legal technologies op de aandacht stapel van de universiteit te krijgen.’’ Legal technologies houdt in dat je technologie in dienst stelt van het rechtspreken. Het is de bedoeling dat de computers ons ontlasten, als er bijvoorbeeld een uitspraak is die te maken heeft met het toekennen van uitkeringen of bijslag. Dat zijn allemaal juridische zaken die automatisch door een computer gedaan kunnen worden’’.

Computers met vooroordelen

Alles draagt bepaalde risico’s met zich mee, zo ook computers. Van den Herik geeft aan dat als er een menselijke fout wordt gemaakt, er naar hem gewezen wordt met de vraag: maar jij denkt dat computers het beter kunnen? Dan word ik natuurlijk gedwongen om te zeggen ja, in zekere zin wel’’. Het vertrouwen moet wederzijds groeien. Volgens Van den Herik is er een verschuiving van verplichtingen die we als maatschappij aan de rechterlijke macht opleggen. Zo werden snelheidsovertredingen vroeger per stuk door de Officier van Justitie beoordeeld. Dit werd geautomatiseerd toen de Wet Mulder van kracht ging. Een rechter rekent dit op het begin keurig na, als het twintig keer goed gaat dan begint hij de computer te vertrouwen.’’

Een rechter rekent dit op het begin keurig na, als het twintig keer goed gaat dan begint hij de computer te vertrouwen.’’

Een van de grootste obstakels van dit moment is het probleem van de bias. Er is namelijk culturele bias en statistische bias. De gehele maatschappij heeft vooroordelen, wij weten niet anders.’’ Een computer onderbouwt zijn beslissingen door middel van de statistieken die worden afgeleid uit voorgaande rechtszaken. Van den Herik noemt als voorbeeld het aantal vrouwelijke hoogleraren, dit is 21% in Nederland. Als een computer kijkt naar de statistieken, zal hij de verdeling van 21% vrouwen als hoogleraar aanhouden en wordt de cirkel niet doorbroken. Er moeten computers komen die gevoelig zijn voor de bias.’’

De grootste uitdaging van aankomende eeuw

Van den Herik geeft aan dat er twee mogelijke toekomstbeelden zijn. Eén daarvan is dat rechters ondersteund willen worden door de geavanceerde technologie, zij willen niet meer rennen naar de bibliotheek voor kennis. Het andere toekomstbeeld is dat er sprake zal zijn van disruptieve ondersteuning. ‘‘Dan is de technologie zo ver gevorderd dat je de technologie niet meer kan bevatten.’’ Veel mensen zullen stellen dat je moet begrijpen wat er aan de hand is. Toch geeft Van den Herik aan dat je het misschien niet kan begrijpen, maar wel kan kijken of de uitspraak terecht is. ‘’De vraag is dan, hoe we dit zelf gaan accepteren en hoe we dit in ons juridisch systeem gaan incorporeren.’’ Volgens Van den Herik is dit een discussie die je aan moet gaan. Dat is de grootste uitdaging van de aankomende eeuw. Toch zullen we voorlopig nog geen computers hebben die op de stoel van de rechter gaan zitten. ‘‘Het zal tot zeker 2080 duren voordat computers beslissingen kunnen nemen op ethische gebieden.’’ 

Meer over

Deel dit artikel

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll naar top