Raadsheer Gerda de Heer: “Voor die meneer heb ik het verschil kunnen maken.’’

interview-Gerda-de-Heer-v2

Na een studie Rechtsgeleerdheid in Leiden vertrekt Gerda de Heer naar New York. Hier begint zij aan een leerzame periode als advocaat bij de Brauw Blackstone. Zij is hier voornamelijk bezig met corporate law en arbitragezaken. Het bedrijfsleven blijft de Heer trekken, maar toch mist zij na een periode bij Ahold het juridische aspect te veel. Zeven jaar werkt de Heer met veel plezier weer in de advocatuur, tot zij de omslag maakt naar lesgeven aan de Universiteit. Zij wordt tevens Raadsheer bij het Gerechtshof in Den Haag. Twee functies die volgens de Heer geweldig zijn en elkaar goed aanvullen.  

Ondanks dat de Heer van jongs af aan altijd het bedrijfsleven in wilde, sprong de studie Rechtsgeleerdheid in Leiden er bovenuit. Tijdens haar studententijd is zij enerzijds een ijverige student, de studie ligt haar goed en hoge cijfers halen vindt zij belangrijk. Anderzijds is zij lid van verschillende verenigingen en bij alle leuke activiteiten aanwezig: “Ik wist het allemaal precies goed te combineren’’. Na een halfjaar studeren in New York besluit de Heer stage te gaan lopen bij een groot advocatenkantoor. Ze dacht dat de Zuidas niet voor haar was weggelegd, maar ze vond het tijdens haar stage fantastisch. Uiteindelijk krijgt de Heer een beurs om in Amerika verder te gaan studeren, waarna zij in 1995 begint als advocaat-stagiair bij De Brauw Blackstone.   

“Je zit in een zaal met zestig andere advocaten van allemaal verschillende kantoren, dan leer je wel samenwerken.’’  

Als de Heer de beroepsopleiding heeft afgerond, begint zij als advocaat in New York bij de Brauw. Hier is zij voornamelijk bezig met arbitrage zaken en corporate law. In die tijd heeft de Heer veel geleerd: “Je zit in een zaal met zestig andere advocaten van allemaal verschillende kantoren, dan leer je wel samenwerken’’. Na twee jaar tijd keert de Heer terug naar Nederland. Het bedrijfsleven blijft toch haar aandacht trekken. Ze begint bij Ahold als Senior Legal Counsel, waar zij de Europese werkmaatschappijen onder zich heeft. Toch mist ze het juridische aspect als internationale bedrijfsjurist: “Je geeft uiteindelijk toch het juridische werk uit handen aan advocaten in de verschillende landen waar je werkt.’’ Ze keert terug in de advocatuur, gaat aan de slag bij Stibbe en daarna nog een tijdje bij de Brauw. Na zeven jaar gooit de Heer het over een andere boeg en begint zij bij de Universiteit van Amsterdam. 

Water bij de wijn  

Het lesgeven zit in de familie van de Heer: “Het contact met de studenten en je kennis kunnen doorgeven, geeft ontzettend veel voldoening.’’ Na zes jaar krijgt ze de mogelijkheid om aan de Universiteit Utrecht nieuwe vakken op te zetten. Naast lesgeven wil de Heer de praktijk weer in. Ze besluit bij de rechterlijke macht te gaan. De Heer geeft aan dat het leuke aan de rechtspraak is dat je altijd kijkt naar de oplossing van het geschil. “Het is belangrijk om hierbij altijd boven de zaak te blijven hangen en niet in het standpunt van een partij te blijven zitten.’’ De rechtspraak is volgens de Heer niet zwart-wit. Het is leuk met partijen te bespreken of er een mogelijkheid is waar beide water bij de wijn doen, zodat iedereen uiteindelijk tevreden is met de uitkomst. In de rechterlijke macht dien je volgens de Heer te beschikken over analytisch vermogen, een onafhankelijke blik, creativiteit en empathie. 

Het is belangrijk dat je niet statisch op een zitting zit, maar de vaardigheden van mediation eigen maakt’’. 

Kansen om jezelf te ontwikkelingen zijn er bij de rechtspraak volgens de Heer genoeg. De Heer heeft net zelf een cursus mediation gevolgd: “het is belangrijk dat je niet statisch op een zitting zit, maar de vaardigheden van mediation eigen maakt.’’ De zaak die de Heer het meest is bijgebleven is een kantonzaak uit haar opleidingstijd. Er was een meneer zonder rechtsbijstand die werd aangesproken door een grote verzekeringsmaatschappij. De Heer vroeg hem wat er in zijn grote boodschappentas zat. Dit bleken bewijsstukken te zijn die aantoonde dat hij altijd netjes had betaald. Hij kon de deurwaarder niet bereiken, omdat hij niet genoeg geld had op zijn prepaid telefoon. Uiteindelijk heeft meneer gelijk gekregen. Dit geeft volgens de Heer meer voldoening, omdat partijen persoonlijk betrokken zijn. “Voor die meneer heb ik het verschil kunnen maken.’’ 

Dichter bij de mens 

Uit de combinatie Raadsheer zijn en lesgeven aan de Universiteit haalt de Heer het meeste plezier. “Ik kan studenten vertellen wat ik zie in de praktijk, en de know-how die ik krijg bij de Universiteit meebrengen naar het Hof.’’ De Heer heeft eventueel de ambitie in de toekomst terug te gaan naar de rechtbank en zo dichter bij de mens te staan. Aan studenten wil de Heer meegeven dat als de rechtspraak je aanspreekt het erg leerzaam is om griffier te worden, “je zit bij de zitting en ziet precies hoe alles gaat’’. Maar het allerbelangrijkste vindt de Heer dat je dingen doet die je echt leuk vindt, dan komt het allemaal goed.

Meer over

Deel dit artikel

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll naar top