Nazi-roofkunst expert Rob Polak: ‘De waarde van restitutie is het gebaar, niet wat de ontvanger er vervolgens mee doet.’

interview-Rob-Polak

Het restitutiebeleid in Nederland moet ervoor zorgen dat kunstobjecten die zijn geroofd tijdens de Tweede Wereldoorlog terugkeren naar de oorspronkelijke eigenaren. Er zijn de laatste jaren veel ontwikkelingen op dit gebied. Zo bracht de commissie-Kohnstamm eind 2020 een belangrijk advies uit. Dit advies werd binnen vier maanden geïmplementeerd door de regering, wat leidde tot een intensivering van het beleid en ervoor zorgde dat meerdere kunstobjecten terugkeerden naar de rechthebbende Joodse families. Wij bespreken deze ontwikkelingen met Rob Polak. Hij was lid van de commissie-Kohnstamm en is tevens voormalig voorzitter van de Ethische Codecommissie voor Musea. Hij is ook raadsheer-plaatsvervanger bij Hof Den Haag. 

Van kantoor naar kunst  

Rob Polak heeft vijfentwintig jaar gewerkt bij De Brauw Blackstone Westbroek. ‘Op een gegeven moment kom je op een punt in je leven dat je moet gaan bedenken wat je verder nog wil doen. Ik kreeg dat, zoals veel mensen, rond mijn vijftigste.’ Polaks passie voor de kunstwereld resulteerde in het voorzitterschap van de Ethische Codecommissie voor Musea. Het beoordelen van de collectie is iets wat musea constant bezighoudt. Mogen ze collectie afstoten, moeten ze iets teruggeven aan partijen die zeggen dat het van hun voorouders is gestolen? De Ethische Codecommissie voor Musea adviseert hierover in lijn met de internationale ICOM Code of Ethics for Museums.

‘Je kunt niet zeggen dat alle koloniale collecties roofkunst zijn.’

Polak vertelt dat de commissie zich afgelopen tijd ook bezig heeft gehouden met een bredere kwestie. Namelijk hoe men om dient te gaan met kunst uit vroegere koloniën die zich nu in Nederland bevindt. De term koloniale roofkunst vermijdt hij bewust: ‘Je kunt niet zeggen dat alle koloniale collecties roofkunst zijn.’ Dat geldt trouwens ook voor wat naziroofkunst wordt genoemd. Er is niet altijd sprake van roof (=diefstal met geweld), soms gaat het om verkoop onder druk van de omstandigheden. Volgens Polak kun je beide ook niet op één lijn stellen, omdat het ‘oorspronkelijk eigenaarschap’ bij koloniale collecties heel anders moet worden toegepast. ‘Het ligt toch net iets genuanceerder en ingewikkelder.’

De commissie-Kohnstamm

Polak heeft met de Ethische Codecommissie geen adviezen gegeven over de teruggave van kunst uit voormalige koloniën. ‘Daar is een specifieke commissie voor aangesteld, de Commissie Koloniale Collecties.’ Polak heeft met de commissie-Kohnstamm wél een heel belangrijk advies aan de overheid verstrekt over het restitutiebeleid omtrent de Tweede Wereldoorlog. Dit beleid wordt uitgevoerd door de hiervoor aangewezen Restitutiecommissie, die beoordeelt of een kunstobject onder nazi-omstandigheden geroofd is. Bij dergelijke omstandigheden moet het gaan om onvrijwillig bezitsverlies, ten gevolge van gebeurtenissen die rechtstreeks verband hielden met het nazi-regime. Bij bezitsverlies in de periode tussen 1940 en 1945 wordt, in het geval van vervolgde bevolkingsgroepen, in ieder geval vermoed dat het verliezen van kunst onvrijwillig was, ook al was het via een schijnbaar legitieme verkoop.

Wie trekt aan het kortste eind?  

De regering achtte het evalueren van dit restitutiebeleid nodig, in verband met omstreden beslissingen van de Restitutiecommissie in de periode 2010-2020 die tot internationale ophef hadden geleid. Het advies dat de commissie-Kohnstamm tot stand bracht, werd door de regering vrij snel overgenomen en geïmplementeerd. ‘Vier maanden later was ons rapport het beleid geworden’, vertelt Polak trots. 

Het belangrijkste punt uit dit advies ging over het meewegen van het belang van het museum bij een restitutieverzoek. In het eerdere beleid kon een restitutieverzoek van een Joodse familie afgewezen worden als het belang van het museum groter werd geacht dan het belang van de teruggave. ‘Hierdoor konden mensen die beroofd zijn in de oorlog worden benadeeld,’ legt Polak uit. 

Een waardevolle Kandinsky terug 

Na de aanpassing die commissie-Kohnstamm adviseerde, werd het oorspronkelijk afgewezen restitutieverzoek van een schilderij van Kandinsky in het Stedelijk Museum toch teruggegeven aan de nazaten van het Joodse echtpaar Lewenstein. Volgens de oorspronkelijke beslissing moest het belang van het Stedelijk Museum bij behoud groter worden geacht dan het belang van de nazaten bij teruggave. Na teruggave werd het schilderij door de familie verkocht voor 60 miljoen. Dit maakt de teruggave niet minder legitiem, vindt Polak. ‘De waarde van de teruggave is het gebaar dat je terugkrijgt waar je recht op hebt. Wat je er vervolgens mee doet moet je zelf weten,’ zegt Polak. Bovendien zijn er vaak meerdere erfgenamen die recht hebben op het schilderij in een familie. Het geld van de verkoop is makkelijker te verdelen dan het schilderij zelf. De uiteindelijke teruggave van dit schilderij wordt gezien als een zeer belangrijk moment in de Nederlandse restitutiepolitiek. NRC heeft er zojuist een meerdelige podcast aan gewijd. 

Een beetje van beide

Naast zijn passie voor het recht en de kunst, heeft Polak ook liefde gevonden voor het schrijven. Inmiddels heeft hij twee boeken gepubliceerd. In zijn meest recente roman De Vier Elementen (gepubliceerd onder zijn schrijversnaam Robert Pollack) haakt hij in op de kwestie van nazi-roofkunst. Naar alle waarschijnlijkheid verschijnt zijn volgende boek oktober volgend jaar. De tijd waarin hij niet schrijft, spendeert hij als raadsheer-plaatsvervanger zodat hij in contact blijft met vakgenoten. ‘Rechters zijn fijne mensen om mee samen te werken en de combinatie van solitair schrijven en samen met anderen iets maatschappelijks doen bevalt me.’

Meer over

Deel dit artikel

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top