Van een blow, naar een no show: toeristen niet meer welkom in coffeeshops

blow

Amsterdam is voor de meesten der aarden een waar Mekka als het gaat om het roken van wiet of hash. Met de vele coffeeshops die onze hoofdstad telt, is er een enorm aanbod voor de bewoners, maar ook voor de toeristen. Het zogeheten ‘softdrugstoerisme’, waar vooral mannen tussen de 18 en 40 jaar uit het buitenland zich schuldig aan maken, is al jaren een wereldwijd fenomeen. En wie wil er nou niet wiet roken, over de Wallen slenteren en naar de ramen kijken? Nou, burgemeester Halsema bijvoorbeeld. Haar plan is, samen met het OM en de politie, om toeristen te gaan weren uit coffeeshops. Maar, kunnen ze dat zomaar doen? Wat gaat er precies veranderen? En, waarom komen ze er nu mee?

The weed capital of the world

Het is geen staatsgeheim dat Amsterdam zwaar te kampen heeft met een overkill aan toerisme. Voor het coronavirus zagen we dat er simpelweg te veel mensen naar de stad kwamen en nu de straten leeg zijn, bevalt dat stiekem wel. Een aanzienlijk deel van de toeristen zijn, naar woorden van burgemeester Halsema, ‘cannabistoeristen.’ Toeristen die alleen komen om in coffeeshops te hangen en dronken en stoned door de binnenstad te slenteren. In Amsterdam kun je dan ook bijna 30 procent van alle coffeeshops in Nederland vinden. En ondanks een daling van ruim 100 shops, is het aantal nog steeds 166. Om de lokale bevolking te ‘dienen’ zijn er rond de 70 shops nodig. Deze cijfers geven aan dat de vraag van de toeristen naar cannabis enorm is, wat volgens Halsema ook misdaad en ondermijning met zich meebrengt. Dit probleem kan worden opgelost door het weren van mensen uit coffeeshops, die niet in Nederland staan ingeschreven. 

De cirkel rond

Weren klinkt uiteraard omslachtig, maar de stad gaat zich nu eigenlijk gedragen zoals de rest van het land. Acht jaar geleden werden de landelijke gedoogregels al aangepast, alleen wist Mokum toen een uitzonderingspositie te veroveren. Deze positie betekende dat het ingezetenencriterium niet voor hen opging. Volgens dit criterium moet je een Nederlandse ingezetene zijn, om cannabis te kunnen kopen. Amsterdam wilde destijds een uitzondering, vanwege de angst op toename van illegale straathandel. Mochten de plannen doorgaan, is dat nog steeds een zeer reëel risico. Om hierop in te spelen zal het nieuwe beleid geleidelijk aan, in een redelijke overgangstermijn, worden gebracht. Het idee is hier dat toeristen en verkopers rustig kunnen wennen aan het nieuwe concept. 

Een kater voor de uitbater

De coffeeshops zelf hebben er hele andere ideeën over. Zij claimen dat het vaak de eigen Amsterdammers zijn die voor onrust zorgen. De ene eigenaar van een shop zegt dat zijn hele klandizie bestaat uit toeristen en dus zijn deuren zal moeten sluiten, een ander zegt dat de overlast net zo zeer aan alcohol te wijden is. Wederom wordt het probleem aangekaart, dat de drugstoeristen toch wel blijven komen. ‘In andere steden zie je dat ze nu achter het station staan, in plaats van bij de coffeeshop’, zegt Jason Den Enting van De Dampkring. Wat wel een fijne bijkomstigheid is voor de houders, is dat ze meer wiet en hasj op voorraad mogen hebben met het nieuwe beleid. Nu is dat 500 gram, maar dat zal dan mogelijk stijgen naar een paar kilo.

Dé oplossing?

De stad op palen kampt met problemen omtrent toerisme, dat staat vast. Nu we een nulpunt hebben bereikt door het coronavirus, is dit de kans om in te grijpen. Wat dan de perfecte zet is, is onduidelijk. Coffeeshophouders vinden dat de problemen niet bij hen ontstaan en buurtbewoners willen gewoon een leefbare stad zonder kotsende toeristen. Als het aan Halsema en daarmee de veiligheidsdriehoek ligt, wordt Amsterdam een stad waar toeristen komen voor de rijkdom en schoonheid van de stad en voor de culturele instellingen. Zodra de pandemie gaat liggen, gaan we zien hoe onze hoofdstad zich gaat oprichten.

Meer over

Deel dit artikel

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll naar top