Lucien Wopereis: “Ik probeer altijd te zoeken naar het scharnierpunt in de zaak” 

unnamed

Lucien Wopereis heeft na zijn rechtenstudie een route bewandeld die, als het aan hem lag, meer studenten zouden moeten proberen. Zijn passie voor schrijven oefent hij dagelijks uit als hoofdredacteur van het nieuwe juridische platform ‘De Jurist’, onderdeel van Het Financieele Dagblad (FD). Via de digitale weg vroegen wij hem alles over het werk als hoofdredacteur, zijn carrière en hoe je als rechtenstudent journalist wordt.

Crisis

Wopereis geeft eerlijk toe dat de keuze om de studie rechten te volgen niet uit een vurige passie voor de inhoud ontstond. Eerder bij een gebrek aan beter. Zoals iedereen in zijn tijd – ruim dertig jaar geleden – deed hij het dan ook rustig aan: “In die tijd deed je gewoon twee jaar over je propedeuse”. Na zes jaar studeren kwam het besef dat er een baan gevonden moest worden, al was dat in die tijd nog niet zo makkelijk. “We zaten in de nasleep van de crisis van de jaren ‘80, dus er was echt weinig werk op dat moment.” Wopereis vond dan ook dat hij enorm geluk had, toen hij als onderzoeker op de UvA kon blijven. Op de sectie staats- en bestuursrecht mocht hij een proefschrift schrijven, iets wat goed bij hem paste. “Ik wist eigenlijk altijd al dat ik het heel leuk vond om te schrijven. Daar kon ik nu mee aan het werk gaan.” Dat hij wilde blijven schrijven in zijn carrière, besloot hij na zijn promotie. In Rotterdam volgde hij de postdoctorale opleiding Journalistiek, een initiatief van verschillende kranten in Nederland. “Het was een soort snelkook opleiding waar academici de vertaalslag naar lezers leerden maken.” 

Ruzies en fusies

Na de opleiding tot journalist belandde Wopereis bij een marketingvakblad, wat achteraf – misschien enigszins tot zijn verbazing – een hele goede leerschool bleek. Doordat hij als buitenstaander naar die wereld keek, leerde hij niet bang te zijn vragen te stellen. “Je moet in het begin als journalist wennen aan de rol waarin je eigenlijk van heel veel dingen niets weet.” Toch besloot Wopereis op zoek te gaan naar de wereld die meer bij hem paste: de juridische. Na een uitstap bij de Staatscourant en Het Advocatenblad, het tijdschrift van de Nederlandse Orde van Advocaten uitgegeven door Elsevier, belandde hij bij Advocatie. Twaalf jaar heeft hij als hoofdredacteur gewerkt bij deze website, die zich richt op alles wat met de advocatuur in Nederland te maken heeft. “Wij schreven over de ruzies en de fusies.” 

 “Je moet in het begin als journalist wennen aan de rol waarin je eigenlijk van heel veel dingen niets weet.” 

Op een gegeven moment raakte Wopereis in gesprek met mensen van het FD. Zij wilden een juridische verdieping leveren voor alle juristen, maar ook aandeelhouders en bestuurders, die zich bezighouden met zakelijke vraagstukken van bedrijven en ondernemingen. De focus ligt op zakelijk nieuws: strafrechtzaken vind je niet terug bij het platform, tenzij het een onderneming is die gedagvaard wordt. 

Waar gaat dit over?!

De Jurist is midden in de coronacrisis live gegaan, maar dat weerhoudt de redactie er niet van vijf dagen in de week stukken te publiceren. De stukken worden niet uitsluitend door juristen geschreven. Wanneer er een rechtszaak wordt verslagen, is dat wel een pre. “Die juridische achtergrond kan helpen om te begrijpen hoe het spel wordt gespeeld .” Al wordt Wopereis zelf ook nog wel eens verzopen door de technische inhoud van geschillen bij de Ondernemingskamer. “De eerste keren denk je echt, waar gaat dit over?!” Toch heeft hij geleerd om na de ellenlange pleidooien door de zaak heen te kijken. Waar andere kranten vaak slechts berichten over wie er van de partijen gewonnen heeft, wil De Jurist meer verdieping leveren. “Ik probeer altijd te zoeken naar het scharnierpunt in de zaak.” Daaraan voegt hij toe: “Je moet soms ook arrogant zijn en zeggen: hier gaat het echt om”.

“Daar kun je je lezer niet altijd mee vermoeien.” 

Dit is altijd een uitdaging. Zowel een specialist op een bepaald rechtsgebied als iemand in een heel ander vakgebied moeten met dezelfde feiten bediend worden. Al is hij het er wel over eens dat de juridische redeneringen van advocaten soms te ver gaan om in een stuk op te nemen. “Daar kun je je lezer niet altijd mee vermoeien.” 

De Zuidas-jas

Het is duidelijk dat Wopereis een passie heeft voor de journalistiek. “Een van de mooiste dingen van het vak vind ik dat je met een leeg notitieblok en een pen naar een zitting gaat, en er daarna een stuk uitkomt dat ertoe doet.” En wat nou als er nu rechtenstudenten lezen, die dit ook wel zien zitten? “Er is altijd behoefte aan mensen die de juridische vertaalslag naar lezers kunnen maken.” Wopereis zou het mooi vinden als er een nieuwe generatie juristen op staat die deze afslag neemt, aangezien dit er naar zijn beleving maar weinig zijn. “Een aantal mensen past die ‘Zuidas-jas’ niet. Dan kan de journalistiek een hele mooie carrière zijn.” Als tip geeft hij: wil je schrijven en heb je interesse om het vak te leren, doe dit dan vooral. Meld je aan voor een stage bij een krant of volg een minor journalistiek. “Ik denk dat de wereld voor je open ligt.”

Meer over

Deel dit artikel

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll naar top