De risicosamenleving: Hoe objectief is onze angst?

841BA499-FD34-4756-8276-1C1BC47F283B

Het begon bij de aanslag in Nice waarbij een vrachtauto inreed op de menigte. Niet veel later volgde meer gruwelijke gebeurtenissen zoals de aanslag op het Franse tijdschrift Charlie Hebdo in Parijs en in Barcelona waar een bestelwagen voetgangers overreed op de Ramblas. Er is geen ontkennen meer aan. De spanningen lopen op en steeds meer mensen beginnen toch enige angst te voelen. Het oplopende aantal slachtoffers omtrent terreur is daarom ook een aanleiding geweest voor de Nederlandse wetgever om, naast de Europese Unie, ook nationaal vergaande antiterreurwetgeving aan te nemen. Meerdere (internationale) terreuraanslagen hebben er namelijk toe geleid dat de overheid een steeds zwaarder gewicht hangt aan de collectieve veiligheid van de Nederlandse staat. De nieuwe wetgeving is ingrijpend binnen de toepassing van het strafrecht en op ons privéleven. Maar zijn deze maatregelen ook echt gerechtvaardigd?

Risicosamenleving

Onze huidige samenleving wordt ook wel gezien als de risicosamenleving. Dit vloeit volgens Duitse socioloog Ulrich Beck direct voort uit de verzorgingsstaat die streeft naar meer welvaart. Nederland is mondiaal gezien een redelijk welvarend en veilig land. Toch denkt men steeds meer dat er in iedere hoek gevaar op de loer ligt. Dit leidt tot het nemen van vergaande maatregelen voor een onrealistisch doel: alle risico’s moeten worden uitgesloten.

Modernisering en innovatie heeft de Nederlandse verzorgingsstaat namelijk veel voorspoed en welvaart gebracht. Echter is deze welvaartsgroei ook onze valkuil. Men wordt bang voor wat ze zelf hebben gecreëerd, denk aan de atoombom, nucleaire wapens en killer-robots. Dit besef, volgens Beck toenemende obsessie, heeft tot het gevolg dat alle denkbare, potentiële risico’s worden uitgesloten en ingeperkt. De vraag die bij critici centraal staat is of dit gedrag wel herleidbaar is naar objectieve risico’s.

Vrijheid vs veiligheid, maar liever allebei.

Binnen de risicosamenleving spelen gevoelens van angst en onzekerheid van burgers een steeds belangrijkere rol. Waar aan de ene kant de burger volledig vrij wil zijn, vraagt hij aan de andere kant volledige veiligheid van de overheid. Dit is tegenstrijdig, omdat voor meer veiligheid een deel van de vrijheid moet worden opgegeven. Deze tendens zorgt ervoor dat er geen bescherming tegen, maar een bescherming door de staat opbloeit. Het meest actuele voorbeeld hiervan is de Sleepwet die op 1 mei 2018 volledig in werking is getreden. Deze wet heeft de overheid de bevoegdheid gegeven ‘gerechtvaardigd’ inbreuk te kunnen maken op persoonlijke levenssferen van burgers om terreur beter te bestrijden.

Oplopende spanningen: zoeken naar een balans of niet?

De groei van onze angst, die grotendeels wordt gevoed door het politieke debat, heeft ervoor gezorgd dat er steeds meer antiterreurwetgeving tot stand komt. Dit staat onder druk, omdat privacy van burgers eronder lijdt en de overheid zich schuldig maakt aan eendimensionale argumentatie (alleen kijken naar de subjectieve angstgevoelens en niet naar reële dreiging). Een oplossing zou kunnen zijn dat er wordt gezocht naar een balans tussen beide met meer oog voor realiteit. Want laten we eerlijk zijn tegen elkaar, in Nederland is tot nu toe nog geen aanslag gepleegd en blijft de dreiging substantieel. Met zo een balans wordt dus bedoeld dat burgers, met behulp van de overheid, een realistischer beeld krijgen en meer moeten nadenken over de reële dreiging. Misschien zal zo een duidelijk onderscheid aan het licht komen tussen het subjectief ervaren van mogelijke risico’s en objectief gevaar.

Meer over

Deel dit artikel

Scroll naar top