Tikkertje met Titanen: procesadvocaat Simone Peek

IMG_5426

Allereerst veel dank aan Stana Marić voor het doorgeven van de pen. Leuk om mij hier te mogen voorstellen en iets over mijn werk als procesadvocaat te kunnen vertellen. Zeker nu het bijstaan van cliënten in complexe geschillen hetgeen is waar ik me zo graag mee bezig houd en waar ik echt energie van krijg.

Mijn naam is Simone Peek en ik ben partner bij bureau Brandeis in Amsterdam. Mijn praktijk is gericht op onderzoeken, handhavingsprocedures en andere geschillen waarbij toezichthouders als DNB en de AFM betrokken zijn. Ook adviseer ik over riskmanagement en compliance. Voordat ik me begin dit jaar aansloot bij bureau Brandeis, heb ik ruim 10 jaar gewerkt bij Clifford Chance in Amsterdam en Washington D.C. Ik heb rechten en communicatie gestudeerd, in Nijmegen en Lyon.

Litigation als focus

Bureau Brandeis is gespecialiseerd in litigation en treedt op voor ondernemingen in alle relevante rechtsgebieden. Van corporate en commercial litigation, informatie- en kartelrecht, financieel recht tot internationale arbitrage, onderzoek en geschillen met toezichthouders. We zijn professionals met verschillende achtergronden die de passie delen om de beste procesadvocaten te zijn. En dat maakt dat ik iedere dag als ik hier op de Sophialaan voor de deur parkeer weer met een glimlach uit de auto stap.

Als breed litigation kantoor zijn we uniek in Nederland en dat was een belangrijke reden voor mij om van een groot full-servicekantoor de overstap te maken. We opereren op het hoogste niveau. Omdat we onafhankelijk zijn, kunnen we vrij adviseren en procederen. Andere advocaten schakelen ons vaak in voor een second opinion of om samen op te trekken in een zaak. De procesrechtteams van de grote Zuidaskantoren vinden we geregeld naast of tegenover ons en we hebben goede banden met internationale kantoren uit o.a. de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Frankrijk.

We zijn echt specialisten in het juridische proces, zo hebben we geen fusies & overnames of financiële transactiepraktijk, en kunnen daardoor een hoge toegevoegde waarde bieden. In internationale zaken met meerdere procespartijen. Civiele en bestuursrechtelijke procedures. Zaken in hoger beroep en bij de Ondernemingskamer. Procederen bij de Hoge Raad en het Europese Hof. Of bij de toezichtkamer van de Rechtbank Rotterdam en het College van Beroep voor het bedrijfsleven waar ik vanuit mijn praktijk vaak kom. Wij zien dat cliënten ook steeds vaker de expert op een bepaald vakgebied benaderen die hen kan helpen met het specifieke probleem waarmee ze zich geconfronteerd zien.

Litigation als ambacht

Procederen is toch een ambacht en het vereist veel vlieguren om het in de vingers te krijgen. Daarom besteden we niet alleen aandacht aan juridisch inhoudelijke kennis en kwaliteit die natuurlijk buiten kijf moeten staan, maar zeker ook aan de vaardigheden die nodig zijn in en rond de rechtszaal. Overtuigend argumenteren, debatteren, presenteren, strategie, psychologie, story telling, omgaan met de media. Zo hebben we ook een oefenrechtbank in onze kantoorvilla aan het Vondelpark. Daar houden we mock trialsvoor grote zittingen, moot courtsmet studenten en faculteitsverenigingen en interne trainingssessies waarbij we ervaringen uit de rechtszaal met elkaar delen. Iets waarvan ik blijf leren.

Dit is ook precies de reden waarom ik het advocatenvak en proceswerk zo mooi vind. Enerzijds is het het puzzelwerk. Juridisch ingewikkelde kwesties uit elkaar rafelen en omvormen tot begrijpelijke en verdedigbare standpunten. Anderzijds is het mensenwerk. Er zo goed mogelijk zijn voor je cliënt, tot de kern komen zonder emoties te negeren, tactisch omgaan met de wederpartij, het overtuigen van de rechter en zo nodig de publieke opinie. Hierbij komt mijn achtergrond in zowel rechten als communicatie goed van pas. En als ik in deze context kan bijdragen aan nieuwe jurisprudentie of vernieuwing in de sector, is dat een kers op de taart.

Strategisch procederen om maatschappelijke ontwikkelingen te realiseren is een wezenlijk onderdeel van onze algehele praktijk. We proberen ieder jaar een actueel thema te kiezen waaraan we een bijdrage denken te kunnen leveren. Zo hebben we recent Britse burgers woonachtig in Nederland bijgestaan in de Brexit-zaak. Over de vraag of Britten ondanks Brexit toch Europees burger kunnen blijven en dezelfde rechten kunnen blijven genieten als iedere EU-burger. Met als doel een (prejudicieel) antwoord van het Hof van Justitie van de EU. Veel actueler dan dat wordt het niet.

Litigation als aantrekkingskracht

Dat dit soort internationaal relevante geschillen in Nederland worden beslecht is een ontwikkeling die we in brede zin zien. Zo leiden boetes voor kartels en andere onregelmatigheden van de Europese Commissie steeds vaker tot civiele claims van bedrijven, beleggers en andere gedupeerden die daardoor schade hebben geleden. Veelal wordt dit soort antitrust damages litigationingestoken als groepsactie en regelmatig voor de Nederlandse rechter uitgeprocedeerd. Als litigation kantoor dat graag aan de zijde staat van partijen die verandering op de markt willen bewerkstelligen, treden we in diverse kartelschadezaken op.

Nederland wordt gezien als aantrekkelijk om over dit soort groepsvorderingen te procederen. Het rechtssysteem is professioneel en modern en de rechterlijke macht heeft veel ervaring met grote internationale zaken, collectieve acties en efficiënte afwikkeling van massaschade. Wij worden regelmatig benaderd voor deze class actionsvanuit London of New York en ik ben dit jaar verschillende keren daarnaartoe afgereisd. Internationale litigation funders weten steeds vaker hun weg naar Nederland te vinden. En ook de oprichting van nieuwe instanties als P.R.I.M.E. Finance voor complexe financiële geschillen en de Netherlands Commercial Court voor behandeling van internationale handelsconflicten, zullen procedures naar Nederland trekken.

Zo heeft de Amsterdamse rechtbank zich onlangs bevoegd bevonden om beleggersclaims te behandelen tegen het Zuid-Afrikaanse woninginrichtingsbedrijf Steinhoff na verwijten van boekhoudfraude. In mijn ogen een interessante ontwikkeling. Hiermee heeft de Nederlandse rechter de deur geopend voor internationale claimpartijen en haar leidende positie op het gebied van collectieve acties en afwikkeling van massaclaims kracht bijgezet. Wij zijn als kantoor betrokken bij de Steinhoff-zaak voor institutionele investeerders.

Litigation als passie

Naast het indrukwekkende trackrecorddat we als bureau Brandeis hebben opgebouwd, ben ik vooral onder de indruk van de sterke gedrevenheid en focus op waar het echt om draait in het advocatenvak: achter en naast cliënten staan in kritieke situaties. Het is extra belangrijk in gevoelige discussies met toezichthouders en andere partijen, waar ik me met het team mee bezig houd en waar het net zo zeer gaat om financiële risico’s als om reputatie en waarbij steeds vaker bestuurders in persoon worden getroffen. Bijvoorbeeld in zaken waar ik senior-managersbijsta die hertoetst moeten worden op geschiktheid om hun functie uit te oefenen of een boete boven het hoofd hangt wegens feitelijk leidinggeven aan een overtreding van de onderneming die zij voeren.

In mijn carrière heb ik altijd gezocht naar de juiste mensen om me heen om van te leren, me aan op te trekken. Naar inhoudelijk uitdaging om me te ontwikkelen, steeds te blijven groeien. En mooie zaken te doen, praktische oplossingen te vinden voor ingewikkelde kwesties. Naar ruimte om daarin een nieuw geluid te laten horen, een eigen weg te vinden. En dat pad hoeft van tevoren helemaal nog niet precies uitgestippeld te zijn, als je maar je hart volgt en vooral doet wat je leuk vindt.

Een van de mensen die in mijn ogen ook altijd die passie volgt is Lincoln Frakes, rechter bij de Rechtbank Amsterdam, raadsheer bij het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch en een van de kartrekkers van de Netherlands Commercial Court. Wat mij betreft zeker een titaan. Graag geef ik de pen aan hem door.

Meer over

Deel dit artikel

Scroll naar top