Lobbyen in politiek Nederland: oud-bewindslieden twee jaar buitenspel

column-lobby-in-NL

Het vormen, veranderen en bespreken van wetten is voor bewindslieden in de Nederlandse politiek een dagelijkse bezigheid. Belangengroepen of lobbyisten zijn in deze processen van groot belang. Ze hebben baat bij het uitoefenen van invloed op beslissingen die op lokaal, nationaal of internationaal niveau worden genomen. Onder de belangengroepen vallen organisaties als Greenpeace en het Rode Kruis, maar ook groepen als Energie-NL of vertegenwoordigers van grote tabaksproducenten. Zodra lobbygroepen het politieke beleid kunnen beïnvloeden, kan dit bedrijven die worden vertegenwoordigd miljoenen besparen of zelfs opleveren. Er is eind vorig jaar veel discussie geweest binnen de politiek over de integriteit van oud-bewindslieden. Belangengroepen proberen, door het in dienst nemen van oud-politici, meer invloed te krijgen binnen de wetgevende macht. Wat is volgens Nederlandse wetgeving toegestaan met betrekking tot het lobbyen en wanneer spreekt men van belangenverstrengeling of zelfs corruptie?

Verbod verdwenen

Kabinet Rutte II besloot dat er een lobbyverbod moest komen om belangenverstrengeling van bewindspersonen tegen te gaan. Als gevolg van dit besluit ging het ‘Circulaire lobbyverbod bewindspersonen’ 1 oktober 2017 van kracht. Bewindslieden zouden door de wet de mogelijkheid verliezen om twee jaar na beëindiging van hun ambtelijke functie terug te keren als lobbyist. Dit verbod geldt voor werkzaamheden bij bedrijven of zakelijke contacten waar bewindslieden contact mee hadden tijdens het vervullen van hun ambtelijke functie. Het probleem en de ophef ontstond echter toen de wet op 1 januari 2020 geruisloos haar werking verloor. Oud-minister van Infrastructuur en Waterstaat, Cora van Nieuwenhuizen, nam ontslag als minister en ging aan de slag als voorzitter bij Energie-Nederland. Energie-NL behartigt de belangen van onder andere Eneco, Shell, Gazprom en BP. Zij stelde dat ze geen wettelijke of morele regels heeft geschonden met de overstap. Rutte heeft echter naderhand wel bevestigd dat ook voor van Nieuwenhuizen geldt dat zij niet mag lobbyen met mede-bewindslieden voor een periode van twee jaar. 

Draaideur op slot

Uit een onderzoek van de Volkskrant en de Open State Foundation is naar voren gekomen dat ruim 44% van oud-kamerleden bij bedrijven een lobby-verwante functie gaat vervullen na hun tijd als bewindvoerder. Mede daarom heeft oud-demissionair minister van Binnenlandse Zaken, Kasja Ollongren, eind 2021 in een brief aan de Kamer laten weten dat ze het lobbyverbod wil aanscherpen. Het Circulaire lobbyverbod bewindspersonen van 1 oktober 2017 werd verder uitgebreid met het feit dat bewindspersonen ook niet actief mogen zijn op andere beleidsterreinen waar zij actieve bemoeienis mee hebben gehad. Daarnaast werd het ‘draaideurverbod’ in het leven geroepen. Dit houdt in dat ministers en staatssecretarissen twee jaar lang geen nieuwe functie bekleden of een betaalde commerciële opdracht doen bij het ministerie waar zij eerst actief waren. Als laatste komt er een afkoelperiode van twee jaar waarin oud-bewindslieden advies moeten vragen aan een onafhankelijke commissie. Deze commissie zal de afweging maken of met de vervolgstap in hun carrière geen belangenverstrengeling kan ontstaan.

Het advies van de commissie heeft vervolgens drie verschillende uitkomsten. De vervolgstap wordt toegestaan, de vervolgstap wordt toegestaan onder voorwaarden of de vervolgstap wordt afgewezen wegens een risico op belangenverstrengeling. De ministerraad heeft bij de aanscherping van het verbod tevens goed moeten luisteren naar de aanbevelingen van de Groep Staten tegen Corruptie van de Raad van Europa (GRECO). Zij houdt zich bezig met belangenverstrengelingen en corruptie in alle landen van de Europese Unie. Nederland stond al een aantal jaren hoog op het lijstje van GRECO.

Transparantie en eerlijkheid

De aanbevelingen van GRECO dienen te worden nageleefd door alle lidstaten van de EU. Het feit dat politiek Nederland nauw in de gaten werd gehouden in samenhang met de ontstane verwarring over het oude lobbyerbod, maakt de nieuwe regeling voor bewindslieden in de Nederlandse politiek essentieel. Bovenal dient de regeling een doel waar heel Nederland de laatste jaren naar lijkt te smachten: meer transparantie en meer eerlijkheid. Toch moet er bij de aanscherping van de regel een kanttekening worden geplaatst: bewindslieden moeten na afronding van hun loopbaan bij de overheid wel in de gelegenheid zijn hun carrière voort te zetten. Een verbod van twee jaar is lang, al helemaal omdat veel bewindslieden dan precies de specialisatie waarvoor ze zijn aangetrokken niet meer kunnen uitoefenen. Het betreft dus, meer dan op het eerste gezicht, een belangenafweging. 

Meer over

Deel dit artikel

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll naar top