Aanpak online kindermisbruik nodig, maar is dit nieuwe EU wetsvoorstel de manier?

Begin mei heeft de Europese Commissie een nieuw wetsvoorstel onthuld om online kindermisbruik tegen te gaan. Het voorstel is een reactie op het feit dat het aantal meldingen van kinderpornografisch materiaal op het internet in de afgelopen jaren sterk is toegenomen. Hoewel er brede consensus is dat dit probleem moet worden aangepakt, klinkt er veel kritiek op de voorgestelde maatregelen. Deze zouden namelijk ten koste gaan van de privacy van Europese burgers.

Een nieuwe waakhond in Den Haag

De voorgestelde verordening vereist dat techplatformen actief kinderporno opsporen, rapporteren en verwijderen. Ook gevallen van grooming, wanneer kinderen online worden benaderd voor seksueel contact, moeten worden opgespoord en gemeld. De platformen worden bovendien verplicht om het risico op kindermisbruik via hun diensten te beoordelen en – waar mogelijk – te beperken. Zo zullen appstores als die van Apple en Google bijvoorbeeld moeten zorgen dat kinderen geen apps kunnen downloaden die hen aan een hoog risico op grooming blootstellen. 

Ter handhaving van de verordening stelt de Commissie voor om een nieuw onafhankelijk ‘EU-centrum inzake seksueel misbruik van kinderen’ op te richten in Den Haag. Deze nieuwe waakhond zou onder andere als kenniscentrum dienen, meldingen in ontvangst nemen en ‘indicatoren van seksueel misbruik’ opstellen, aan de hand waarvan de techplatformen hun data inhoudelijk zullen moeten screenen. In het persbericht bij het wetsvoorstel wordt genoemd dat het aantal gevallen van online kindermisbruik in 2021 wereldwijd met 64% is toegenomen en er in totaal 85 miljoen kinderpornografische foto’s en video’s zijn gemeld. Volgens het persbericht zijn “duidelijke regels, met robuuste voorwaarden en waarborgen nodig” om seksueel kindermisbruik via onlinediensten “doeltreffend aan te pakken”. 

Forse kritiek

Het nieuwe wetsvoorstel doet denken aan een controversiële aankondiging van Apple vorig jaar: het bedrijf zou afbeeldingen in de cloud en op apparaten van gebruikers gaan controleren op kinderpornografisch materiaal. Het plan kreeg veel kritiek, omdat de privacy van gebruikers door de controles in het geding zou komen. Hierop besloot Apple het plan op de lange baan te schuiven. Ook het nieuwe wetsvoorstel van de Commissie staat volgens critici op wel zeer gespannen voet met het recht op privacy. Privacydeskundigen waarschuwen dat indien het voorstel in de huidige vorm wordt aangenomen, techplatformen zoals Whatsapp en Telegram gedwongen worden om zogenaamde end-to-end versleutelde berichten te ontcijferen en doorzoeken, terwijl die versleuteling juist bedoeld is om communicatie alleen leesbaar te maken voor de verzender en de ontvanger. 

Volgens het persbericht vanuit de Commissie zouden de techplatformen gebruik moeten maken van opsporingstechnologiën die “zo min mogelijk inbreuk maken op de privacy”. Deze goedbedoelde waarborg neemt volgens critici echter niet weg dat de platformen genoodzaakt worden zich toegang tot de versleutelde berichten te verschaffen. Eerste Kamerlid en directeur van Expertisebureau Online KinderMisbruik Arda Gerkens (SP) vertelde recentelijk aan het tijdschrift Wired dat het voorstel ook wat haar betreft te ver gaat. Niet alleen vanwege de inbreuk op versleutelde privéberichten, maar ook omdat ze vreest dat te veel berichten, foto’s en video’s per ongeluk als potentieel kindermisbruik zullen worden aangemerkt.

Het kan nog jaren duren

Ondanks de oplaaiende kritiek, is de strekking van het wetsvoorstel niet helemaal nieuw. De Commissie heeft al in 2020 een voorstel gedaan voor tijdelijke wetgeving die het voor online communicatiediensten als Facebook Messenger expliciet toestaat hun data te screenen op verdachte tekst en beelden. In juli 2021 stemde het Europees Parlement met dit voorstel in en zijn de tijdelijke maatregelen ter bestrijding van online seksueel kindermisbruik in werking getreden. Echter blijkt nu, aldus de Commissie, dat een systeem op basis van vrijwillige opsporing en rapportering onvoldoende bescherming biedt. Daarbij komt dat door de beperkte geldigheid van deze verordening, nieuwe maatregelen nodig zouden zijn. 

Het huidige wetsvoorstel van de Commissie moet nog worden goedgekeurd door het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie. Dit proces kan jaren duren en instemming is niet gegarandeerd. Zo heeft het hoofd van de Duitse gegevensbeschermingsautoriteit FbDi, Ulrich Kelber, al via Twitter de belofte gedaan om zich er vanuit zijn functie voor in te zetten dat het voorstel zoals het nu op tafel ligt er niet zal komen. Met het oog op privacybescherming zijn dit soort uitingen veelbelovend, maar uiteindelijk ligt de bal bij de Europese en nationale politiek. Waar de bal in die arena zal rollen, valt nog te bezien.

Meer over

Deel dit artikel

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll naar top